Besturen van landelijke sportbonden zijn van oudsher blanke mannenbolwerken. Maar nieuw onderzoek bewijst dat dat langzaam begint te veranderen: inmiddels is het aandeel vrouwen in deze besturen gestegen naar 21 procent. In 2002 was dat nog 10 procent. Diversiteit is echter zeker nog niet vanzelfsprekend: er zijn nog geen etnische minderheden vertegenwoordigd en de gemiddelde leeftijd is 53 jaar. Steeds meer sportbonden zien dat diversiteit van levensbelang is voor groei van hun sport bij nieuwe groepen. Besturen die een afspiegeling zijn van het ledenbestand, spelen zo in op maatschappelijke veranderingen en scoren daarmee in kwaliteit en in binding met hun achterban.
Het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB) heeft het WJH Mulier Instituut - centrum voor sociaal-wetenschappelijk sportonderzoek - opdracht gegeven onderzoek te doen naar dit onderwerp. In de rapportage Inventarisatie diversiteit sportbesturen 2010 staan deze cijfers genoemd. Andere belangrijke conclusies zijn dat het aandeel vrouwen op directieniveau beduidend geringer is (6%) en dat meer dan de helft (57%) van de bonden aangeeft geen specifiek beleid te hebben met betrekking tot sociale diversiteit. Dit onderzoek maakt onderdeel uit van het NISB-project ‘Diversiteit in goed Sportbestuur’, dat gericht is op het vergroten van de diversiteit binnen (districts)besturen van sportbonden.
Download aan de rechterzijde het persbericht van NISB en de rapportage 'Inventarisatie diversiteit in sportbesturen 2010' (pdf).
Bron: WJH Mulier Instituut